Hoe een fanatieke bergbeklimmer een gepassioneerd broodbakker wordt

Het liefst hangt hij aan een rotswand in de Italiaanse Alpen of bij bouldergym Monk in Rotterdam aan de wand. Maar door het coronavirus doet Andrea Volterrani nu iets anders met zijn handen: op ambachtelijke wijze brood bakken. En die gaan letterlijk als warme broodjes over de toonbank.

Met duim en wijsvinger draait de Rotterdammer aan zijn gitzwarte snor, terwijl hij aandachtig naar het scherm van zijn telefoon kijkt die voor hem op de keukentafel ligt. Nog heel even en dan moet hij het deeg nog een keer kneden. Zodra de timer gaat, pakken zijn handen - sterk van het klimmen - zijn zelfgemaakte deeg van enkel water en bloem en kneden het met liefde tot een smeuïge brij.


Andrea’s brood

Het interview ligt even stil als er aan het brood wordt gewerkt, maar daarna wordt het weer thuis aan de keukentafel bij Andrea en zijn vriendin in Rotterdam-Noord hervat. Hier in de keuken ontstond een paar maanden geleden geheel onverwachts Il Pane di Andrea: het brood van Andrea.

De 36-jarige bergbeklimmer woont sinds vijf jaar in Rotterdam. Hij werkt als rope access (al het werk aan kabels op hoogte) vijf dagen in de week bij een Rotterdams bedrijf.


Of ik de bergen mis? Ja enorm.

Hij had waarschijnlijk allang zijn snor gedrukt als hij hier niet de liefde van zijn leven was tegengekomen, met wie hij samenwoont in het Zwaanshalskwartier. ,,Of ik de bergen mis? Ja, enorm.’’


Nieuwe uitdaging

De pijn is voelbaar aan de keukentafel, maar zijn nieuwbakken passie voor ambachtelijk brood verzacht de pijn en biedt hem een nieuwe uitdaging. Eentje, die verschrikkelijk veel geduld vereist.

,,En dat had ik voorheen nooit. Alles moest altijd snel, maar nu moet ik me erbij neerleggen dat dit niet kan. Als ik stappen oversla, mislukt m’n brood.’’


We aten de hele dag door brood, ik ben ermee opgegroeid.

Versgebakken brood dat vroeger in de Italiaanse regio Ostia, waar Andrea opgroeide, een doodnormale versnapering was. Andrea blikt terug: ,,Mijn moeder kocht elke dag vers brood, zelfs als het brood van de dag ervoor nog niet op was. We aten de hele dag door brood, ik ben ermee opgegroeid.’’


De bekende Italiaanse bakker Gabriele Bonci is zijn grote voorbeeld. ,,Ik ben hem gaan volgen en heb heel veel gelezen over hoe je brood moet bakken.’’


Professionele oven

Het gaat hem inmiddels zo goed af, dat hij onlangs besloot een professionele oven aan te schaffen, waar hij zes broden tegelijk in kan bakken. Want zijn buren in het Zwaanshalskwartier staan elke week te popelen om een vers gebakken Il Pane di Andrea mee te nemen.


,,Ik heb een whatsapp-groep aangemaakt, waarin mensen op donderdag kunnen aangeven hoeveel broden ze willen hebben. Vrijdagavond begin ik met kneden en zaterdag is het bakdag.’’


Witte poeder

Andrea verlaat de keuken en loopt naar zijn ‘bakkerij’ die gevestigd is in een bijkamertje van het huis. Boven de ingang van zijn bakkerij hangt een houten trainingsbord, waarmee Andrea zijn vingers kan trainen voor het klimmen.


Onder een grote houten uitschuiftafel staan twee grote plastic bakken vol wit poeder. Dat zijn geen bakken talkpoeder om bergrotsen te kunnen bedwingen, maar bakken vol bloem om broden van te maken. ,,Tja, wie had gedacht dat ik door de lockdown broden zou gaan bakken. Het gaat zo snel ineens. Per week bak ik nu 24 broden. Soms meer.’’

Ooit zou ik hier in het leegstaande pand onder ons huis wel een eigen bakkerij willen beginnen.

Hij draait zijn snor nogmaals rond met duim en wijsvinger. Er verschijnt een grijns op zijn gezicht. ,,Ooit zou ik hier in het leegstaande pand onder ons huis wel een eigen bakkerij willen beginnen.’’



Dit artikel verscheen op 8 januari '21 in het AD-Rotterdams Dagblad.